Hartal

Vanochtend hadden we onze tweede Bangla-les. Het is vrij pittig, maar stapje bij beetje leer ik de eerste woordjes kennen. Ook begin ik een beetje zicht te krijgen op de grammatica van het Bengaals. Na onze les konden we echter niet door naar kantoor, zoals gepland. VSO Bangladesh stuurde een smsje dat we vanwege de aangekondigde hartal niet meer mochten reizen.

Hartals zijn grote stakingen. De oppositie kondigt ze af. Niet zelden steken demonstranten auto’s, CNG’s en bussen in brand. Tijdens een hartal blijven deze voertuigen dan ook aan de kant. Soms omdat de chauffeurs sympathiseren met de oppositiepartijen. Soms omdat ze gewoon bang zijn dat hun voertuigen het anders niet overleven. De anders zo drukke wegen van Dhaka waren dan ook grotendeels leeg. Vandaag is de hartal rustig verlopen, maar daar kun je niet op gokken.

Overigens klinkt het onveiliger dan het is. De wijken waar ik meestal ben, zijn veilig. Van de collegae hier begrijp ik dat er niks gebeurt zolang je je verstand gebruikt. Onder meer door te blijven waar je bent en dus niet te reizen tijdens een hartal. Daarom moesten we ook in de wijk blijven, waar onze taalschool staat. Op zichzelf geen straf. We hebben geluncht met onze docenten, gewandeld en een potje straatcricket gekeken.

Omdat onze afspraken vanmiddag niet door konden gaan, heb ik ook veel kunnen lezen over de geschiedenis en politiek van Bangladesh. Best nuttig voor een politieke junk zoals ik. Je kan hier namelijk niet zomaar over politiek praten. Daarvoor is het een te gevoelig onderwerp. Hoe meer ik lees en hoe meer mensen ik spreek, des te interessanter ga ik Bangladesh vinden.

Kortom, ik vermaak me hier goed. Leuke collegae, gastvrije mensen en interessante belefenissen. Ik kijk er nu al naar uit om in jauari het veld in te gaan en samen met lokale boeren te werken aan oplossingen voor de watertekorten. Binnenkort zal ik wat foto’s posten.

Aangekomen in Dhaka

Chaotisch, arm, erg gastvrij en veel lachende gezichten. Dat lijkt na anderhalve dag hier, een goede samenvatting voor Dhaka. De afgelopen maanden ben ik druk bezig geweest met de voorbereidingen voor deze reis. Vaccinaties, introductietrainingen en een visum regelen. Het was nog even een beetje spannend, maar uiteindelijk is het allemaal op tijd gelukt. Het komende jaar ga ik samen met de Bengaalse NGO Gram Bikash Kendra werken aan oplossingen voor de watertekorten in de landbouw.

Watertekorten? Bij Bangladesh denk je normaal gesproken eerder aan overstromingen. Dat gold tot voor kort tenminste wel voor mij. Maar de klimaatcrisis veroorzaakt hier ook toenemende watertekorten. Na zesenhalf jaar als beleidsmedewerker in de politiek, was ik toe aan een nieuwe uitdaging. Het is altijd een droom van mij geweest om naar een ontwikkelingsland te gaan en in de praktijk bij te dragen aan duurzame ontwikkeling. Ik ken de klimaatcrisis vooral uit rapporten, documentaires en verhalen van ooggetuigen. Maar ik wil het met mijn eigen ogen zien. Het mee maken en bijdragen aan oplossingen.

Na een lange reis kwamen collega Gerrit en ik gisteren aan in deze miljoenenstad. Na aankomst was het tijd voor een klein jetlag-slaapje om vervolgens een drankje te doen met collega-ontwikkelingswerkers. Gezellig en nuttig. De meer ervaren mensen hier hadden goede tips voor ons ‘groentjes’. Gerrit en ik zullen nog een maand in Dhaka blijven. Voordat het echte werk begint, krijgen we hier eerst nog trainingen en taalles. De komende weken komen er ook nog twee Ierse en een Spaanse collega bij.

We vallen met onze neus in de boter, want vandaag is het Bevrijdingsdag in Bangladesh. Overal op straat zie je vlaggen. Omdat de oppositie stakingen had aangekondigd, moesten we wel in onze eigen, veilige wijk blijven. Die stakingen schijnen namelijk vaak in rellen uit te monden. Dat bleek trouwens ook wel ver genoeg te zijn. We slaagden er al vrij snel in om te verdwalen. Gelukkig is dat niet erg. Het was een mooie gelegenheid om de buurt te leren kennen, voor het eerst een riksja te nemen en veel aardige mensen te ontmoeten.

De eerste anderhalve dag in Dhaka waren fantastisch. Ik kijk uit naar wat komen gaat.

Mijn politieke prioriteiten

Morgen kiest het Partijcongres van GroenLinks haar kandidaten voor de Tweede Kamerverkiezingen. De kandidatencommissie adviseert mij op plaats 6. Daar ben ik erg blij mee. Ik hoop dat de leden van GroenLinks mij ook op plaats 6 zullen kiezen.

In dit filmpje vertel ik wat ik als eerste wil doen in de Tweede Kamer. Uiteraard wil ik me nog voor veel meer inzetten. Onder meer voor natuurbehoud, groene en diervriendelijke landbouw en schone lucht. Maar je moet ergens beginnen.


De (interne) campagne is begonnen

De komende dagen reis ik kriskras door het land om zoveel mogelijk GroenLinks-afdelingen te bezoeken. Gisteren bezocht ik drie afdelingen en DWARS. Ik ben blij dat DWARS besloten heeft om mijn kandidatuur voor de Tweede Kamer te steunen.

Vandaag ga ik naar onze afdelingen in Arnhem en Bunnik. Het is geweldig om zoveel gedreven partijgenoten te ontmoeten. Deze toer door het land kost geen energie, maar geeft juist heel veel energie. Ik heb er weer zin in vandaag.

Zaterdag 23 juni: vier steden in een dag. Bekijk ook het filmpje.

Groene kansen voor Nederland

Woensdag 6 juni. De dag dat Jolande Sap glansrijk het lijssttrekkersreferendum won. Het is duidelijk wie onze groene en linkse voorvrouw is. Woensdag 6 juni is ook de dag dat de programmacommissie haar concept-verkiezingsprogramma presenteerde. Concept, omdat de leden van GroenLinks uiteraard nog wijzigingsvoorstellen in kunnen dienen. Het Partijcongres stemt op 30 juni over het verkiezingsprogramma, maar de fundamenten liggen er. Hele mooie fundamenten als je het mij vraagt.

GroenLinks kiest voor een duurzame economie. We investeren in natuur, energiebesparing en schone energie. Wij vinden het onverantwoord om financiële schulden af te wentelen op onze kinderen en kleinkinderen. Maar in tegenstelling tot andere partijen staren wij ons niet blind op geld alleen. Wij pakken ook de ecologische schuld aan. Kathalijne Buitenweg (voorzitter programmacommissie) verwoordde het vandaag heel mooi: “Niets is economisch verstandig als het ecologisch onverstandig is.”

Met een Deltawet Nieuwe Energie versnellen we de overgang naar duurzame energie. We geven lange termijnzekerheid aan groene ondernemers. Daardoor weten zij dat groene investeringen gaan renderen. Nederlanders die zelf groene stroom opwekken krijgen daar een gegarandeerde prijs voor. Zo verdienen zij hun zonnepanelen of windmolen sneller terug. Dat is niet alleen een zegen voor het milieu. Het levert ook een heleboel banen op. Duitsland ging ons onder aanvoering van de Duitse Groenen voor. In Duitsland werken nu honderdduizenden mensen in de duurzame energiesector.

GroenLinks investeert ook in onze mooie natuur. We verbinden natuurgebieden met elkaar en zorgen ervoor dat dieren van Maastricht naar Groningen kunnen lopen. We maken daarnaast werk van gelijke kansen voor iedereen. Door uitstekend onderwijs, goede zorg en door meer banen te creëren. Hoe we zorgen voor meer werkgelegenheid? Door belastingverlaging maken we arbeid goedkoper. Daardoor zullen werkgevers meer mensen aannemen. Laagbetaalde banen gaan weer lonen.

De komende weken zullen we nog druk zijn met de doorrekening van ons verkiezingsprogramma. We zijn namelijk niet alleen een idealistische partij. We zijn ook realistisch. De nationale rekenmeesters van de planbureaus zullen onze voorstellen traditiegetrouw weer op haalbaarheid en uitvoerbaarheid testen. Die doorrekening is altijd een hele klus, maar het is tegelijkertijd ook heel leuk en interessant om eraan mee te werken. Ik heb er alle vertrouwen in dat we ook dit keer weer heel goed zullen scoren.

Kortom, genoeg om voor te knokken richting 12 september. We hebben zoveel mogelijk zetels nodig om onze prachtige plannen te realiseren!

Het Lenteakkoord

Groen en sociaal de crisis te lijf. Met het Lenteakkoord bewijzen we dat het kan. De 15 kilste bezuinigingen van het kabinet-Rutte zijn verleden tijd en we vergroenen de economie. Goed nieuws voor kinderen in het bijzonder onderwijs, mensen met een persoonsgebonden budget en voor iedereen met een groen hart. En dit is pas het begin. Na 12 september kunnen we doorpakken. Voor een groener en socialer Nederland.

Natuurlijk doet het hervormingspakket ook pijn. Dat valt niet te ontkennen. Het is crisis en dat voelen we. Maar niets doen is geen optie. Het is onverantwoord om schulden vooruit te schuiven en af te wentelen op onze kinderen en kleinkinderen. Dat geldt zowel voor onze financiële als voor onze ecologische schulden. Het Lenteakkoord zorgt ervoor dat we de pijn eerlijk delen. Er komt een crisisbelasting voor de hoge inkomens en we ontzien de lage inkomens. Sociale minima gaan er dankzij het Lenteakkoord zelfs op vooruit.

Ik werk nu bijna drie jaar voor GroenLinks in de Tweede Kamer. Veel van de dingen waar we in die jaren voor knokten, hebben we nu bereikt. Neem de kolenbelasting. Het klinkt zo logisch. Exploitanten van kolencentrales moeten betalen voor hun vervuiling. Toch was dit tot voor kort onbespreekbaar voor veel politieke partijen. Nu komt deze belasting op vervuiling er. En dit is niet de enige groene belasting in het pakket. De totale vergroening beslaat miljarden.

De belasting op arbeid gaat juist omlaag. Met het Lenteakkoord bezuinigen we op snelwegbanen en investeren we in banen voor mensen. We investeren in huizenisolatie, natuur, schone energie en andere groene innovaties. Dat levert naast milieuwinst ook groene banen op. Geen asfalt, maar werk. We sluiten daarmee aan bij het duurzame enthousiasme in de samenleving. Particulieren die zonnepanelen op hun dak willen leggen en groene ondernemers kunnen weer op de overheid rekenen.

Wil je meer weten over het Lenteakkoord? De details vind je hier.

Europa en de Euro

Je kunt geen krant lezen of journaal kijken zonder dat het over Europa en de Euro gaat. Logisch, want de Eurocrisis raakt ons allemaal. Toch is het opvallend dat het debat in de Nederlandse media en in de Tweede Kamer grotendeels over de Griekse tragedie gaat en zo weinig over de dieperliggende oorzaken ervan. Met groot gemak krijgen Athene en Brussel de schuld, maar dat is veel te makkelijk en doet geen recht aan de complexe realiteit.

Toen we in 2002 de Euro invoerden, hadden we het Europese huis nog niet afgebouwd. Anno 2012 is dat huis nog steeds niet klaar. De fundering ligt er en de muren staan, maar er ligt nog geen dak op. Daardoor zijn we onvoldoende beschermd tegen deze economische stortbui. De metafoor van het huis staat voor het economische beleid van de EU. Of eigenlijk het gebrek daaraan. We hebben wel een aantal afspraken gemaakt, onder meer over het begrotingstekort. Maar dat alleen is onvoldoende. 

De economieën van Eurolanden zijn heel verschillend. Te verschillend. Griekenland heeft bijvoorbeeld een groot handelstekort. Dat betekent dat ze meer moeten importeren dan dat ze exporteren. De binnenlandse Griekse activiteiten kunnen dit en andere financiële gaten in de Griekse begroting niet dichten. Noord-West Europese landen als Nederland en Duitsland hebben daar jarenlang van geprofiteerd. We hebben met onze export verdiend aan de ongezonde economische situatie in Griekenland.

Nu wil ik zeker niet zeggen dat Griekse politici hun handen in onschuld wassen. Ze hebben zich niet aan de afspraken gehouden en hun economische situatie veel te rooskleurig voorgespiegeld. Ze kwamen daarmee weg omdat we het toezicht op de naleving van economische afspraken gebrekkig geregeld hebben. De Europese Commissie heeft te weinig macht om naleving af te dwingen. Maar het is te makkelijk om alleen naar Athene te kijken. We moeten ook kijken naar wat we zelf kunnen doen.

We zouden de economieën van de Eurozone veel meer op elkaar af moeten stemmen en met elkaar in balans moeten brengen. Het is de hoogste tijd om het huis af te bouwen. We hebben een sterke, duurzame en gezonde Europese economie nodig. Dat vraagt om politici die niet mee huilen met de Eurosceptische wolven in het bos, maar die vooruit kijken en doorpakken. In veel andere Europese landen voeren politici en opiniemakers al volop debat over een sterker Europa. In Nederland zouden we dat ook meer moeten doen.   

Baas op eigen Bord

Vandaag was ik op bezoek in het Europarlement. Het was erg leuk om weer eens rond te lopen in het gebouw waar ik ruim tweeënhalf jaar met veel plezier gewerkt heb. Bas Eickhout en zijn team hadden een conferentie georganiseerd met als titel ‘Baas op eigen Bord’. Naast actieve GroenLinksers en DWARSers, waren er ook vertegenwoordigers van onder andere de Youth Food Movement, LTO en Unilever. Samen spraken we over de toekomst van ons voedsel.

GroenLinks Europa had de perfecte dag gekozen voor haar conferentie. Vandaag is het namelijk ook de Dag van Europa. Heel toepasselijk om op de verjaardag van de Europese droom te praten over duurzaam voedsel. Bij uitstek een onderwerp dat de komende jaren een belangrijke rol zal gaan spelen in het politieke en maatschappelijke debat. Zowel in het Europarlement als in de Tweede Kamer. Weinig dingen zijn zo belangrijk als de kwaliteit en veiligheid van ons voedsel.

We staan voor grote uitdagingen. Allereerst de geplande vernieuwing van het Europese Landbouwbeleid. De aanwezigen waren het erover eens dat duurzaamheid daarbij centraal moet staan. Strengere eisen aan milieuprestaties en dierenwelzijn. Daar hoort ook een betere prijs voor boeren bij. Nu krijgen zij slechts een fractie van de prijs die wij betalen in de supermarkt. Boeren zien zichzelf vaak met tegenzin gedwongen tot verdere schaalvergroting. Dat moet anders. In een duurzame, diervriendelijke en toekomstbestendige landbouwsector krijgen boeren een eerlijke prijs.

Daarnaast is het ook zaak dat we de regels voor voedseletikettering verbeteren, zodat bewuste consumenten een duurzame keuze kunnen maken. We staan voor de uitdaging om de enorme voedselverspilling in Europa aan te pakken en het gebruik van schadelijke bestrijdingsmiddelen terug te dringen. Bovendien moet ons voedsel ook eerlijk geproduceerd zijn. Met respect voor mensen in ontwikkelingslanden en met respect voor de natuur. Dus geen kaalkap van tropische bossen meer om onze varkens te voeden.

Het was een erg inspirerende bijeenkomst en we waren aan het eind van de dag nog lang niet uitgepraat. Genoeg stof tot nadenken dus en we zetten de brainstorm ongetwijfeld snel weer voort. O ja…de Brusselse biertjes smaakten na afloop ook weer prima.